Als antwoord op deze vraag horen we regelmatig allerlei fabeltjes. Voor de duidelijkheid dus een stukje toelichting over het onderscheid tussen deze politoer en politoeren.
Politoeren is het werkwoord, geeft dus de bezigheid van het politoeren aan en is een samentrekking van de woorden "poli" (= veel") en "toeren" (= rondjes). Politoeren is dus het veel rondjes draaien met een dot om op die manier de politoer, politoervernis of politoerlak op het werkstuk aan te brengen. Met politoeren wordt dus (meestal) niet het meervoud van politoer(vernis) bedoeld.
Met politoer wordt meestal verwezen naar de lak die we gebruiken bij het politoerproces. Meer correct is eigenlijk politoervernis of politoerlak maar in de volksmond wordt dit heel vaak aangeduid als politoer. Andere korte aanduidingen voor de opgeloste schellakvernis die politoer eigenlijk is, zijn "lak" of "vernis". Het woord lak komt uit de politoerwereld en verwijst naar het aantal luizen dat nodig is om een kilo schellak te produceren (zie de pagina met politoerweetjes) terwijl vernis afkomstig is van de plaats Bernice die in de oudheid hét centrum voor de handel in harsen en gommen was. Het tegenwoordige woord vernis verwijst dan ook nog steeds naar een transparante oplossing van harsen en/of gommen waarmee een oppervlak bedekt wordt.